NV Halbertsma Houtfabrieken

De familie Halbertsma geniet in Friesland grote bekendheid, in het bijzonder door het werk op literair gebied van de bruorren Halbertsma: Joost, Tjalling en Eeltje. 

De vierde broer Binnert zette het familiebedrijf, de handel in hout en botervaten en de bakkerij, voort. Hij overleed in 1847 als een vermogend man. Zijn zoon Hidde Binnert Halbertsma (25-02-1830 / 24-01-1895) was bakker in Grou en daarnaast ook handelaar in boter en kuiphout. Diens zoon Pieter Goslik Halbertsma (11-11-1860 / 7-06-1925) erfde de handelsgeest van zijn vader en samen besloten zij in 1891 tot de bouw van een loods van  6 x 12 meter in de achtertuin van hun woning, waar zij het ruw gezaagde kuiphout van hun leveranciers machinaal bewerkten tot kant-en-klare duigen, waar de kuipers zonder veel moeite de botervaten van konden samenstellen. Dit werd op 25 mei 1891 de oprichting van wat later de belangrijke Halbertsma's Fabrieken voor Houtbewerking werden. Het begon met het maken van botervaten, waarvoor veel kuiphout nodig was. In Grou woonden vroeger veel boterhandelaren en ook zogenaamde boterschippers, die het product  vervoerden naar de markten in Leeuwarden en Sneek.

 

In 1900 begon Halbertsma met een geheel nieuwe zaak en wel de fabricage van populieren kistjes voor boterverpakkingen. Er waren toen al ongeveer 34 mensen in dienst. In 1908 kwam de zoon van Pieter Goslik Halbertsma, Hidde Binnert Halbertsma (“Baas Hidde”) (30-10-1888 / 11-2-1971) in de zaak en in 1912 kwam diens zwager Jan Nicolaas Mulder in dienst als werktuigbouwkundige. De fabricage werd uitgebreid met de fabricage van condenskisten, melkpoeder- en groentekisten. 

In 1914 werd in Leeuwarden een spijkerbedrijf  gesticht voor de fabricage van gespijkerde kisten. Al het kant-en-klare plankhout kwam uit de fabriek in Grou.

Dakpannen schrobben

In het laatste jaar van de Eerste Wereldoorlog, 1918, was er bijna geen werk meer bij Halbertsma. Om toch zoveel mogelijk mensen aan het werk te houden, liet het bedrijf een deel van  zijn personeel de groen aangeslagen dakpannen van de loodsen schoonschrobben. Het was bijna honderd jaar geleden, dat deze wijze van denken en handelen gehanteerd werd.

Op 1 mei 1918 waren Pieter Goslik Halbertsma en Grietje Halbesma 35 jaar getrouwd. Voor hen aanleiding de plaatselijke V.V.V.  f 5000,- te schenken voor de aanleg van een wandelweg langs het Pikmeer. Deze gift en de opbrengst van de loterij verschaften de V.V.V. voldoende geld om op 27 november 1918 de aanleg ervan aan te besteden. Van deze wegaanleg moet men zich niet te veel voorstellen. Het bestond uit niet meer dan het verbreden  met 3 meter van het aanwezige polderdijkje. In latere jaren werd dit dus de Meersweg. In 1925 overleed Pieter Goslik Halbertsma.

Omstreeks 1929 was er sprake van een mindere periode, waarna er werd begonnen met het produceren van brede schotten, waarvoor de zwaluwstaartmachines zeer geschikt bleken te zijn. Deze brede schotten waren een half-produkt voor kleinere deurenfabrieken. De fabricage voor de kistenfabriek bleek terug te lopen. Hierop werd besloten om ook zelf deuren te maken.

In 1935 werden in Amerika een aantal machines gekocht voor het maken van paneeldeuren, ook wel genoemd dreveldeuren door de verbinding van stijl en dorpel en ronde hardhouten pennen, drevels genoemd, die in de voorgeboorde gaten werden verlijmd. 

In 1939 was er sprake van drie dochterbedrijven, nl. de Gideon, een kistenfabriek in Groningen, Stoomhoutzagerij Lemmer en later nog Bedrijf Hoorn, waar veel groente-emballage gemaakt werd en het hout ervoor werd door de Houtzagerij uit Lemmer geleverd.

Door de steeds hogere deurenproduktie ontstond er een felle concurrentiestrijd met de Firma Bruynzeel uit Zaandam. Deze zag de nieuweling Halbertsma uit Grou niet met vreugde verschijnen en zo ontstond er een prijzenoorlog, met als dieptepunt dat een deur met slot te koop werd aangeboden voor de prijs van minder dan twee gulden! Directeur Mulder reisde voor overleg met Bruynzeel naar Zaandam en na grondige besprekingen kon de vrede van de concurrentiestrijd worden getekend.

Tijdens de oorlogsjaren 1940-1945 was er van uitbreiding nauwelijks sprake. De bouw lag praktisch stil, er moest in deze moeilijke periode werk gezocht worden voor het personeel. Dit was de oorzaak dat Halbertsma verzeilde in de produktie van meubilair, bureaustoelen,  zitbankjes en vijfdelige in- en uitvouwbare naaidozen (42.000 stuks). Ook closetzittingen en bedden voor werkkampen werden gemaakt. Door  deze activiteiten konden veel werknemers in Grou aan het werk blijven,waardoor zij aan de verplichting ontsnapten om in Duitsland te moeten gaan werken.

De leiding van Halbertsma heeft het zelf ook zwaar te verduren gehad. Directeur Hidde Binnert Halbertsma was al vanaf 1940 bij de illegaliteit betrokkengeweest. Hij werd 2 maart 1945 met zijn vrouw en zoon Pieter en nog een groep verzetsmensen uit Grou en omgeving gearresteerd en naar de gevangenis in Groningen overgebracht. Zijn woning “de Villa“ aan de Parkstraat had hij in 1944 moeten ontruimen voor de Grüne Polizei, die er haar hoofdkwartier voor Grou en omgeving in vestigde. Hidde Halbertsma werd enige weken in Groningen vastgehouden en toen afgevoerd naar het concentratiekamp Neuengamme. Hij kon 31 mei 1945 gelukkig weer naar Grou terugkeren.

Kort na de oorlog ontdekte de directie dat in Amerika vorkheftrucks waren ontwikkeld,waarmee een last van een paar honderd kilo, die op een pallet (laadbord ) was geplaatst, kon worden opgetild en verplaatst. Dit werd zo ook het begin van de pallet-produktie, waarvoor veelal  dezelfde machines als voor de produktie van de  kisten en kratten werden gebruikt. Halbertsma groeide op deze wijze uit tot de grootste palletfabriek van de Beneluxlanden. Naderhand werden ook pallets gemaakt met opstaande wanden waardoor er een boxpallet ontstond. Een voorbeeld van een eenmalige boxpallet is de Flotainer, de  behoefte ontstond in 1957. In dat jaar begon Shell-Nederland met voorbereidingen van de bouw van een synthetische rubberfabriek in Pernis.

In 1988 zou de miljoenste Flotainer worden afgeleverd door Halbertsma

Watersnoodramp van 1953

Halbertsma Nijs, het personeelsblad van de personeelsvereniging, bevat in het nummer van maart 1953 een verslag van de belevenissen van 11 inwoners uit Grou, die tijdens de watersnoodramp van februari 1953 hulp gingen bieden in het rampgebied van Zeeland en Zuidholland. In de groep bevonden zich ook acht personeelsleden van Halbertsma. Tien G.W.S-schouwen werden op twee Halbertsma trailers geladen en naar Dordrecht vervoerd en vandaar naar Ooltgensplaat. Daar werden de schouwen gelost en kon men eindelijk aan de slag. Op last van de dokter werden eerst de zieken en zwakken opgehaald. Toen de duisternis inviel hadden de Grousters met hun schouwen reeds een paar honderd mensen uit hun benarde positie gered en naar veiliger oorden gebracht.

Halbertsma deuren kunnen worden onderverdeeld in de onderstaande soorten

Vlakke fineerdeuren

Glasdeuren

Vlakke voorbewerkte binnendeuren (hardboard)

Fineer  buitendeuren

Vlakke triplexdeuren

Dreveldeuren

Balcon- en tuindeuren

Duretta deuren

Fixtop- of branddeur

Looddeuren

Hardhouten buitendeuren

Alsmede bijbehorende soorten sloten en lijstwerk, stofdorpels en plinten

In de zestiger jaren komen zowel in België als Frankrijkverkoopkantoren in Brussel en Parijs tot stand.

Het bedrijf bestond uit onderstaande afdelingen:

Directie, administratie, boekhouding, inkoop, verkoop, personeelszaken, bewaking, tijdstudie-tarief automatisering, loonadministratie, planning en werkvoorbereiding, postkamer, bedrijfswinkel, veiligheid.

Deurenfabriek, afdeling slotenmachine, kwaliteitscontrole, laboratorium, schillerij, afdeling fineer, lijmafdeling, bedrijfsschool en bedrijfsbrandweer.

Kozijnen, expeditie, technische dienst, slijperij, ketelhuis, garage, werf en houtopslag

Pallets en Flotainers.

De faturatrices / november 1950 /  

Vlnr staand: Lutske de Jong, Aaltsje van der Heide, Diety de Vries, Tholly Rinzema, Tiedie Veenstra, Geertje Hazenberg, Japke Bergsma. Zittend: Griet Stellingwerf, Akke Bûch, Matty Woudstra, Leentje Feenstra

Personeelsvereniging

Het voeren van een sociaal beleid kon bij een bedrijf op velerlei manieren gebeuren, ook een personeelsvereniging hoort daarbij. De personeelsvereniging van Halbertsma  is opgericht in 1945 met als doelstelling: ”Het bevorderen van de onderlinge band tussen de leden van het personeel”. Wat stond er zoal op het programma:

Ontspanningsavonden met toneelspel en kindersprookjes, bus-en bootreizen, maar ook ziekenbezoek. Sportdagen met voetbal, korfbal en volleybal. De jaarlijkse voetbalwedstrijden tussen de verschillende bedrijven van Halbertsma, maar ook wedstrijden tussen Hout en IJzer,dat wil zeggen tussen Halbertsma Grou en Volma Grou, waren legendarisch.

Personeelsvervoer

Het bedrijf Halbertsma liet vier grote personeelsbussen rijden voor het personeelsvervoer. Deze bussen hadden als startplaatsen: Tijnje, Surhuisterveen, Minnertsga en Sint Annaparochie. Deze bussen werden bestuurd door eigen werknemers. 

Halbertsma had een eigen pensioenfonds voor beambten en fabriekspersoneel.

In 1968 werd Interwand N.V. te Eibergen verworven. Dit was een fabriek van scheidingswanden.

Buitenlandse werknemers

Toen in 1969 met geen mogelijkheid meer personeel te krijgen was en er in de fabrieksbezetting een groot verloop was, stond ook Halbertsma voor de noodzaak buitenlandse arbeidskrachten aan te trekken, zij kregen in eerste instantie onderdak in  jeugdherberg Oer ’t Hout.

In het voorjaar van 1970 kwamen er nog een 30-tal Turken bij. Voor die circa 50 man werd toen naast de oude zuivelfabriek een goed geoutilleerde houten  huisvesting gebouwd, die de naam “ATATURK” kreeg.

Toen na een paar jaar het werk in Grou afnam, zijn de Turken successievelijk weer afgereisd of overgegaan naar andere bedrijven in ons land.

Bedrijfsmuziekkorps Foarút

Op initiatief van de personeelsvereniging werd in1947 een muziekkorps geformeerd uit personeelsleden van Halbertsma. Het waren mannen, die in hun woonplaatsen Grou, Akkrum,  Jirnsum en Aldeboarn al lid waren van een muziekkorps. De eerste dirigent was de heer Veldman. Door afnemende belangstelling moest het korps, na 15 jaar actief te zijn geweest, in 1962 worden  opgeheven.

Grote brand bij Halbertsma

De hele grote brand die bij Halbertsma ooit heeft gewoed, vond 11 juni 1960 plaats buiten de fabriek op de houtwerf aan de overkant van de Rechte Grou. Een enorme vuurzee, die toen was losgebarsten, zette Grou in een rode gloed. De dreiging die er van uit ging, zal bij niemand, die haar gezien heeft uit de herinnering verdwijnen.

Nieuwe eigenaren

In 1970 komt er een zo diepgaande verandering, dat zij het einde inluidt van het dan bijna 80 jaar oude familiebedrijf. De aandelen Halbertsma gingen over in handen van het Zweedse concern Swedish Match. Dit was een zeer groot concern met 34.000 medewerkers in 24 landen en 110 bedrijven. Zo was er ook een lucifers-divisie, een machinedivisie, een papier-divisie en een bouwdivisie waartoe Halbertsma behoorde. De kranten stonden er bol van.  Voor de families Halbertsma en Mulder betekende dit het einde van een familiebedrijf, dat in 1891 door Pieter Goslik Halbertsma, de “Koopman” was gesticht.

Voor  het personeel bracht de verkoop gelukkig weinig of geen verandering met zich mee. Het bedrijf bleef goed bezet met orders. Uitbreiding moest er zelfs komen voor de palletfabricage. In het dorp kon geen ruimte meer worden vrijgemaakt. De uitbreiding moest plaatsvinden op het werfterrein aan de “overkant“. In die tijd werkten op het bedrijf in Grou plm. 600 mensen en de omzet bedroeg 52 miljoen gulden.Een paar jaar eerder was al een nieuwe deurenfabriek gebouwd, ook aan de overkant van de Rechte Grou. In de loop der volgende jaren is het gehele bedrijf verhuisd van de dorpskant naar de westzijde van de Rechte Grou.

In 1974 nam Halbertsma de Hoza-fabrieken in Scheemda over, een fabriek van houtproducten en metalen stellingen. Zeven jaren duurde het huwelijk met Swedish Match.

In 1977 nam de N.O.M. (Noordelijke Ontwikkelings Maatschappij ) de aandelen over voor 13 miljoen gulden. Voor het personeel bracht ook deze verandering geen wijziging in haar positie.

Het kantoorpersoneel dat vele jaren in alle mogelijke bouwsels zijn werk had gedaan, verhuisde in1980 naar een nieuw modern kantoorgebouw. Het was gebouwd op de Haukepôlle, een perceel weiland waarvan de Hervormde kerk eeuwen het eigendom had. Tevens was aan het gebouw een kantine toegevoegd met een keuken enz.,waar een bevoegde beheerder de scepter zwaaide. In deze kantine werden ook avonden en andere activiteiten van de personeelsvereniging of van het bedrijf gehouden.

Maar na1979 brak voor Halbertsma een zeer moeilijke tijd aan. Het rommelde in de leiding, de financiële resultaten waren slecht, onafhankelijke onderzoeksbureaus kwamen het bedrijf doorlichten, reorganisaties stonden voor de deur en het personeel werd ongerust. In 1981 werkten er 450 mensen bij Halbertsma, waarvan 150 in de pallet-divisie.

En helaas, reorganisaties betekenden ontslag. In de media verschenen berichten, die een negatief beeld gaven van de werkgelegenheid bij Halbertsma. Eind 1980, 17 man moesten weg. In de laatste maanden van1981 was van de Gewestelijke Arbeidsbureaus te Leeuwarden, Groningen en Winschoten ontslagvergunning ontvangen voor in totaal 200 personeelsleden. Sombere tijden braken aan, wie kan blijven en wie moet er uit?

Halbertsma is in ons land niet het enige bedrijf, waarmee het slecht ging.Van overheidswege waren al maatregelen getroffen voor werknemers van 57½ jaar en ouder. Personeelslijsten met geboortedata gingen over de tafel. De 57½ jarigen werden de eerste slachtoffers. Met een financiële regeling gingen zij - velen  met een lang dienstverband - de poort uit. Een triest gebeuren; voor de meesten van hen ging het allemaal te snel.

Het symbolisch einde van 91 jaar Halbertsma in de oude dorpskom van Grou, kwam op woensdag 8 september 1982. Als laatste bouwwerk van de gesloopte fabriek ging om 11.32 uur de schoorsteen tegen de grond .

Het bleef slecht gaan met de onderneming. De financiële situatie werd voortdurend  moeilijker. Halbertsma moest surséance van betaling aanvragen, die op 23 juni 1983 werd verleend. Een faillissement dreigde. De Leeuwarder advocaten Riedstra en Tuinman werden tot bewindvoerders benoemd.

Het faillissement kan worden afgewend, doordat de bankier van Halbertsma bereid was een boedelkrediet van een miljoen gulden te verstrekken. De bewindvoerders en de directie moesten trachten in een zeer kort tijdsbestek tot zaken te komen. Zij slaagden er binnen enkele weken in een zogenaamde activa-passiva-transactie tot stand te brengen voor de palletdivisie. De werkgelegenheid van deze divisie leek nu geen gevaar meer te lopen. Achteraf bleek dit tijdelijk een terechte veronderstelling te zijn. De divisie zal worden voortgezet door drie collega-fabrikanten,van onder meer de Faber-Halbertsma groep te Driebergen. In 2013 sloot de Faber-Halbertsma groep ook de vestiging in Grou.

Voor de deurendivisie sluit men in een later stadium een identieke transactie met de Friese Participatie Maatschappij en Noord-Nederland Beheer. In de loop van 1984 nam Tinga’s Deurenfabriek te Winsum (Fr.) de aandelen over van Noord Nederland Beheer. In de jaren 1992 en1993 is de deurenfabriek nog in handen geweest van een Russische eigenaar. En sinds medio 1993 is er alweer sprake van Van Vuuren Deuren, Technische Utiliteitsbouw deuren.

Bronnen: 

1961 Halbertsma NV, personeelsgids_kl.pdf

1967 [ca] Halbertsma NV, bekleding Duretta-deuren.pdf

1967-05-20 kaartje Halbertsma NV, houtmaten en werf.pdf

1967 [ca] Halbertsma NV, fineersoorten_kl.pdf

www.houtsjefabryk.nl

http://www.rottine.info/index.php/Historie_van_de_NVH-_Algemeen: Meer informatie? klik hier